Cirkelzaagblad bevestigen of vervangen
- Neem altijd voor werkzaamheden aan het elektrische gereedschap de accu uit het gereedschap.
- Draag werkhandschoenen bij de montage van het zaagblad. Bij het aanraken van het zaagblad bestaat verwondingsgevaar.
- Gebruik uitsluitend zaagbladen met een diameter van min. 130 mm en max. 136 mm.
- Gebruik in geen geval slijpschijven als inzetgereedschap.
- Gebruik alleen zaagbladen die voldoen aan de in deze gebruiksaanwijzing en op het elektrische gereedschap vermelde specificaties, volgens EN 847‑1 zijn gecontroleerd en overeenkomstig zijn gemarkeerd.
Leg het elektrische gereedschap voor het wisselen van accessoires bij voorkeur op de voorzijde van het motorhuis.
- Druk op de asblokkeerknop (1) en houd deze ingedrukt.
- Druk alleen op de asblokkeerknop (1) bij stilstaande zaagas. Anders kan het elektrische gereedschap beschadigd raken.
- Met de binnenzeskantsleutel (5) de spanschroef (16) in draairichting ➊ losdraaien.
- De pendelbeschermkap (21) terugzwenken en vasthouden.
- Verwijder de spanflens (17) en het zaagblad (18) van de zaagas (20).
Leg het elektrische gereedschap voor het wisselen van accessoires bij voorkeur op de voorzijde van het motorhuis.
- Reinig het zaagblad (18) en alle te monteren spandelen.
- Zwenk de pendelbeschermkap (21) terug en houd deze vast.
- Plaats het zaagblad (18) op de opnameflens (19). De snijrichting van de tanden (pijlrichting op het zaagblad) en de draairichtingpijl op de pendelbeschermkap (21) moeten overeenstemmen.
- Plaats de spanflens (17) erop en schroef de spanschroef (16) in draairichting ➋ erin. Let op de juiste inbouwpositie van de opnameflens (19) en de spanflens (17).
- Druk op de blokkeerknop uitgaande as (1) en houd deze ingedrukt.
- Draai met de binnenzeskantsleutel (5) de spanschroef (16) in draairichting ➋ vast. Het aanhaalmoment moet 6–9 Nm zijn, dit komt overeen met handvast plus 1/8 slag.